november 2021

Financiering van ‘Voedsel van dichtbij’ vereist maatwerk; ‘Je bent een rondje in een vierkante wereld’

Het aantal, de kwaliteit en de impact van lokale voedselinitiatieven groeit gestaag. Ook de diversiteit aan spelers neemt toe. Dat is goed nieuws, maar succes is niet vanzelfsprekend. Het rendement – sociaal, ecologisch of financieel-economisch – is soms lastig meetbaar en verschilt per initiatief. Financiering is maatwerk.

Reden voor kennisplatform Stadslandbouw Nederland en programma DuurzaamDoor (RVO) om tijdens het webinar Voedsel van dichtbij gefinancierd! op zoek te gaan naar beproefde en nieuwe ideeën en vormen van financiering. Kortom, een programma vol praktijkvoorbeelden, de lancering van het platform ‘Voedsel van Dichtbij’ op MAEX.nl en de uitreiking van de eerste financiële Impuls!

Door het toenemende belang en populariteit van lokale voedselinitiatieven groeit ook de vraag naar financiering. ,,Maar’’, zo opent expert korte voedselketens Jan-Willem van der Schans, ,,ondanks een groeiende stapel onderzoeken die uitwijzen dat voedsel van dichtbij zorgt voor ongekend veel welzijn in de stad, beginnen gesprekken met financiers veelal bij nul.’’ ,,Terwijl stedelingen staan te springen om hier iets mee te doen’’, vult Jean Eigeman, voorzitter van Stadslandbouw Nederland hem aan. ,,Met ons kennisplatform willen we iedereen die bezig is met voedsel in en om de stad bij elkaar brengen en ondersteunen. Om de stad te vergroenen en meer kwaliteit toe te voegen, zowel fysiek als sociaal.’’ Volgens René Bruijns van het programma DuurzaamDoor moet er met meer investeerders gekeken worden naar nieuwe financieringsvormen.

Elke ontwikkelfase kenmerkt zich door een specifieke financieringsvorm
Financiering vormt voor lokale voedselinitiatieven een belangrijke factor voor succes. Dat blijkt uit de enquête van HalloBoer naar de succes- en faalfactoren voor ‘Voedselinitiatieven van Dichtbij’. Onderzoeker Niels Tomson inventariseerde in opdracht van Stadslandbouw Nederland en Duurzaam Door het belang en gewicht van diverse vormen van ondersteuning. Denk aan subsidies en donaties, maar ook de inzet van kennis en arbeid, of het gebruik van grond. Wat blijkt? Financiering is geen kwestie van simpelweg euro’s overhandigen. Iedere ontwikkelfase van een initiatief lijkt beter te gedijen onder een specifieke financieringssoort of een combinatie daarvan. Dit biedt donateurs, geld lenende instanties of investeerders per fase inzicht in de mate waarop deze past bij hun doelstellingen en risicoprofiel.

Financiering van voedselinitiatieven vereist dus maatwerk. Er is steeds meer behoefte aan alternatieve financieringsinstrumenten, passend bij de betekeniseconomie. Dit bleek ook uit de reacties van een aantal deelnemers aan de enquête. ,,Want’’, zo kreeg Niels de vraag, ,,wat behelst een verdienmodel? Hoe bereken je sociale en ecologische waarde en rendement? Hoe past dit binnen de boekhoudkundige wereld?’’ De sprekers lieten zien dat dit niet altijd hoeft. Naast commerciële klanten, banken of overheid kunnen ook stichtingen, particulieren, fondsen, woningcorporaties, en niet te vergeten MAEX hun middelen inzetten.

Particulier ondernemerschap verbindt profit en non-profit geldstromen
Met Greens in the Park koos initiatiefnemer Wessel Tiessens bewust voor een hybride financieringsvorm. Hij is gaan bouwen aan een duurzaam organisatie- en verdienmodel. ,,Commercieel’’, zoals hij zegt, ,,niet om geld te verdienen, maar om een toekomstbestendige plek te maken. Met een zorgmoestuin en een restaurant dat biologische groenten, fruit en kruiden serveert. Er werken mensen met een achterstand tot de arbeidsmarkt en een deel van de winst van het restaurant vloeit terug naar de tuin.’’

Een belangrijke voorwaarde voor financiering was het transparant maken van het financieringsmodel. Wessel deed dat aan de hand van een ‘praatplaat’, een mooie visualisatie van de geldstromen. ,,Je bent een rondje in een vierkante wereld. Nodig daarom mensen uit op de locatie, laat zien wat je doet, laat ze tegels lichten. Ook de wethouder, ook de bankier.’’ De realisatie van Greens in the Park duurde vijf jaar, met een aanvankelijke privé-investering van een ton.

Duurzame Europese aanbesteding biedt lokale voedselinitiatieven lange termijn perspectief
Een prachtig praktijkvoorbeeld van impactvolle inkoopkracht vormt het nog lopende Europese aanbestedingstraject van de Dienst Justitiële Inrichtingen (DJI). Voor een dagmenu van 10.000 gedetineerden, met een looptijd tot acht jaar ter waarde van 250 miljoen euro. Wolter van der Vlist, verantwoordelijk voor het inkoopbeleid en strategie, zou het liefst bij elke bajes een boerderij beginnen. ,,Maar die droom krijg ik binnen de DJI niet verkocht.’’ Dus heeft hij die in de aanbestedingsvoorwaarden gedeeld. Kanshebbers op de aanbesteding moeten aantonen dat zij met lokale voedselinitiatieven in zee willen. Zo krijgen kleine lokale voedselinitiatieven langlopende afnamegaranties, en dus financiële zekerheid.

Recreatieschap investeert groots in nieuw landbouw- en recreatiegebied
Ook op Landgoed Rorik bij Beverwijk is de overheid aanjager van lokale voedselinitiatieven. Projectleider gebiedsontwikkeling Mark Franssen illustreert hoe het Recreatieschap Alkmaarder- en Uitgeestermeer (RAUM) al sinds 2007 investeert om het 20 hectare omvattende landgoed als nieuw landbouw- en recreatiemodel te ontwikkelen. Onder meer door de aanleg van de benodigde infrastructuur, de financiering van het participatieproces met stakeholders en uiteindelijk het gunningsproces ‘Ondernemer gezocht’. Mark is helder in zijn boodschap: ,,Zorg voor een passend bestemmingsplan, voldoende planologisch kader en natuurlijk draagvlak en een bestuurlijke trekker.’’

Dat hieraan voor Rorik is voldaan, laat ondernemer Wouter Valkenier enthousiast weten. De eerste ondernemers zijn al ruimschoots aan de slag. Zo kun je je abonneren op lokale groentepakketten, zijn er een camping en theater, een zelfvoorzienend restaurant, maar ook een boomgaard en een voedselbos. Iedere ondernemer is verantwoordelijk voor zijn eigen financiering, waarbij de gemeente voorwaardenscheppend is met leningen. Samen pachten ze de grond tegen gunstige voorwaarden.

Haag Wonen start groene investeringen ter vergroting van de stadse leefbaarheid
Woningcorporaties waren lange tijd voorzichtig met investeringen die niet direct aan het eigenwoningbezit zijn gerelateerd. Maar ook hier ontstaan initiatieven. Beheerconsulent Guus Frenay van Haag Wonen schetst een onthutsend beeld van de grote sociaal maatschappelijke opgaven van de naoorlogse wijk Bouwlust Vrederust in Den Haag. ,,In de wijk hebben we een aantal prachtige binnentuinen, in totaal zo’n 37.000m2. Dat is een enorme onbenutte kans.” Hij heeft de ambitie de binnentuinen een groene kwaliteitsimpuls te geven om de leefkwaliteit in de wijk te verbeteren. De woningcorporatie stelt de grond beschikbaar, financiert vooralsnog kleine zaken, zoals watervoorziening, buitenmeubilair en toezicht, en zoekt naar partners die op basis van een gemeenschappelijk doel mee willen ondernemen en financieren. Een vorm die ook voor andere corporaties in het land interessant kan zijn.

Het MAEX platform ‘Voedsel van Dichtbij’ gelanceerd!
Het realiseren van lokale voedselinitiatieven vereist veel creativiteit en doorzettingsvermogen van de ondernemers, die soms werden geconfronteerd met gebrek aan middelen, kennis of tijd. Silvia Oostwegel probeert met MAEX, het platform voor maatschappelijke initiatieven, de systeemwereld met de leefwereld te verbinden. In tegenstelling tot de ‘footprint’ – de negatieve belasting die je activiteiten hebben op de wereld – ontwikkelde zij de ‘Social Handprint’. Met de herkenbare maatstaf van de SDG’s brengt dit in kaart welke waarden initiatieven bijdragen aan de samenleving.

Sinds 13 oktober biedt MAEX dankzij ondersteuning van DuurzaamDoor iedereen die zich met voedselinitiatieven bezighoudt een eigen platform: ‘Voedsel van Dichtbij’. Wanneer je je initiatief aanmeldt wordt via de Social Handprint gratis je maatschappelijke impact gemeten. ,,En dat biedt direct voordelen’’, vertelt Silvia. ,,Zo wordt de signatuur van het initiatief voor partners en financiers uiterst transparant. Je krijgt na aanmelding onder meer toegang tot donaties van geld – geefgeld – kennis en middelen via de MAEX Impuls en je wordt onderdeel van de kenniscommunity.’’ Inmiddels zijn er 178 voedselinitiatieven aangesloten, maar Silvia’s grootste wens is dat het aantal snel toeneemt, liefst tot 400 eind dit jaar. ,,Niet alleen om in Den Haag en bij financiers te laten zien hoe belangrijk deze sector is, maar ook om nieuwe investeerders aan te kunnen trekken. De traditionele financiële producten nu gaan de ontwikkeling van lokale voedselinitiatieven niet snel genoeg helpen.’’

Voedselbos Mariahoeve: winnaar van de 1e MAEX Impuls Voedsel van Dichtbij
Om het platform ‘Voedsel van Dichtbij’ vlammend te laten starten ontving Jan Mosch van Voedselbos Mariahoeve in Den Haag de eerste MAEX Impuls voor zijn voedselinitiatief. Door de uitzonderlijke sociale waarde van het project, de centrale rol van de mensen die het leiden en de bijdrage aan het welzijn in de stad, werd het initiatief uitgeroepen tot winnaar. ,,We zijn dit project gestart om de stad gezonder te maken en een plek te creëren waar natuur én mensen kunnen groeien. Dat stukje natuur lukt wel, maar om mensen te laten groeien hebben we meer nodig dan alleen onszelf’’, vertelt Jan. Bureau Halt was de belangrijke samenwerkingspartner die het project mede mogelijk maakte. Samen willen zij jongeren op een ander pad in het leven zetten én ze verbinden met het voedsel dat ze produceren. ,,Stedelijke vrijwilligers zijn een hartstikke leuke groep, maar we willen juist de mensen bereiken die je normaal niet of moeilijk bereikt.’’

Op weg naar een investeringsfonds
Bij afsluiting van het webinar benadrukte Jan Willem van der Schans dat kijkend naar de voorbijgekomen voorbeelden een agenda-zettende rol van de overheid mogelijk is bij binnenstedelijke herontwikkeling (Greens in the Park), gebiedsontwikkeling (Landgoed Rorik) en publieke aanbesteding (DJI). Ook ligt er een actievere rol voor woningbouwcorporaties (Haag Wonen). Daarnaast toonde het webinar dat er diverse beproefde en nieuwe mogelijkheden zijn voor financiering. Jean Eigeman benadrukte hierbij nog eens dat het niet alleen om euro’s gaat, maar ook om kennisimpulsen, onderzoekscapaciteit en opleidings- en trainingscapaciteit.

Het maakte echter ook duidelijk dat de ontwikkeling van een financieringsmethodiek voor gemengde financiering nog ontbreekt. Denk daarbij aan geefgeld – dus impactdonaties en investeringsgelden – zoals impactinvesteringen, en een Voedsel voor Dichtbij-investeringsfonds. Jean Eigeman van Stadslandbouw Nederland, René Bruijns van DuurzaamDoor en Silvia Oostwegel van MAEX pakken de handschoen op. Zij gaan de mogelijkheden hiertoe verder verkennen.

Bekijk hieronder het webinar terug.